Controllers weten meestal als eerste dat er iets niet klopt. Een marge die niet matcht met de markt, een voorraadverschil dat elke maand wordt ‘bijgetrokken’, een project dat er op papier geweldig uitziet, maar in de realiteit steeds een raar spoor van correcties achterlaat. Waar de CFO de architect is van het controlesysteem en de impact op de werkkapitaalpositie en de algehele financiële gezondheid van de organisatie bewaakt, zijn controllers degene die er dagelijks doorheen lopen en voelen waar de vloer begint te kraken. Hun rol in fraudepreventie en -detectie is daardoor veel praktischer dan de rol van de CFO, maar minstens zo cruciaal. Fraudepreventie is daarmee geen 'feestje' van één persoon, maar een gedeelde verantwoordelijkheid in de financiële kolom.
Op zich is fraude voor de meeste controllers niet een onderwerp waar ze dagelijks mee bezig zijn. De druk vanuit de business is meestal gericht op snelheid, niet op extra checks. Toch is juist die controller de persoon die patronen ziet over tijd, afdelingen en systemen heen. Waar een salesmanager alleen zijn eigen funnel kent, ziet de controller de harde cijfers erachter – en daarmee ook de afwijkingen die kunnen wijzen op fraude.
Fraudepreventie begint voor controllers in de basis: een goed ingerichte administratieve organisatie. Dat betekent helder vastleggen wie wat mag, welke stappen verplicht zijn in de keten van offerte tot cash, en welke controles níet kunnen worden overgeslagen omdat het ‘druk’ is. Controllers zijn vaak de enigen die precies begrijpen hoe processen, systemen en rapportages in elkaar grijpen. Door actief mee te ontwerpen aan functiescheiding, autorisaties en het vier-ogen-principe, bouwen ze mee aan een omgeving waarin fout en fraude minder kans hebben.
Fraudepreventie stopt echter niet bij de interne organisatie. In een globaliserende markt is de keten net zo kwetsbaar. Het herkennen van malafide debiteuren of identiteitsfraude bij nieuwe klanten is cruciaal nog vóórdat de deal wordt gesloten. Effectieve fraudepreventie in de keten beschermt niet alleen de marge, maar direct de cashflow die nodig is voor verdere groei.
Geen achterdocht maar vakmanschap
Maar daarmee is de Finance afdeling er niet. De echte waarde van zit in de analytische blik. In elke closing zijn er cijfers die niet lekker voelen: een plotselinge margeverbetering in een matige markt, een reeks creditnota’s vlak na kwartaalafsluiting, handmatige journaalposten die resultaat nét over een drempel trekken. De controller die dan verder vraagt, detailoverzichten opvraagt en verschillende bronnen kruist, maakt het verschil tussen ‘gek, maar we laten het lopen’ en ‘hier moeten we serieus induiken’. Die gezonde achterdocht is geen wantrouwen, maar professioneel vakmanschap.
Daarvoor is het essentieel dat controllers frauderisico’s expliciet meenemen in hun analyses. Niet alleen verklaringen zoeken in ‘business drivers’, maar ook steeds de vraag stellen: als dit fraude wás, zou het er dan ook zo eruitzien? Dat betekent werken met exception reports: lijsten met opvallende boekingen, overrides van limieten, dubbele leveranciers, of transacties buiten werktijd. Het vergt misschien een extra rapport of query, maar levert een scherpere blik op de cijfers op – en daarmee betere bescherming van de organisatie.
Positie in de organisatie
Belangrijk is ook de positie van de controller in de organisatie. Een controller die afhankelijk is van ‘aardig gevonden worden’ door de business, verliest zijn scherpe rand. Controllers moeten expliciet mandaat krijgen om lastige vragen te stellen, ook als die ongemakkelijk zijn voor managers of zelfs directie. Dat vraagt ruggengraat van de controller, maar ook steun van boven: een CFO die openlijk zegt dat hij liever een vertraagde deal heeft dan een opgepoetst rapport, geeft controllers de ruimte om hun werk goed te doen.
En dan de vraag waar veel controllers ongemakkelijk van worden: wat doe je bij een concreet vermoeden? Wegkijken is veiliger voor vandaag, maar risicovoller voor morgen. Een professionele controller legt signalen vast, toetst ze waar mogelijk met extra analyses en stapt dan naar de juiste lijn: CFO, internal audit of compliance, afhankelijk van de structuur. Belangrijk is om niet te vervallen in detectivewerk in isolement, maar het proces te volgen dat de organisatie heeft afgesproken. Zo wordt de controller geen klokkenluider in het donker, maar een volwaardig onderdeel van de verdedigingslinie.